Fundamenteel online

Met stille trom

15 januari 2017

Met stille trom

Dit is mijn laatste column. Dat klinkt heel dramatisch. Niemand zal er een traan om laten en ook ik zal er geen nacht minder om slapen. Vier keer per jaar, en dat toch al weer zes jaar lang, heb ik geprobeerd kritisch, beschouwend en lovend, hier en daar met een vleugje zelfspot en humor, het tandheelkundige veld onder de loupe te nemen. De lengte van het stukje, 500 woorden, was net voldoende om via veel anekdotiek net even de naast de gangbare berichtgeving kanttekeningen te plaatsen. De beschaafde wereld van de tandheelkunde liet niet al mijn bespiegelingen toe en dat maakte mij meestal terughoudend in het uiten van uitgesproken opvattingen inzake de huidige stand van zaken in de wereld van de preventie en parodontologie. Ik ervaar de wereld als weinig filosofisch en mis nogal eens zelfkritiek wanneer het gaat om de effectiviteit van de inspanningen van o.a. NVvP. Maar voorzichtigheid is de moeder van het porseleinkastje, zei mijn vader vroeger wel eens wanneer het hem allemaal te hard leek te gaan. Daar valt overigens best iets voor te zeggen.

De reden om te stoppen is vooral ingegeven door een naderende andere opzet van Fundamenteel, maar inmiddels raak ik zelf steeds langer uit het tandheelkundige veld. Dus lijkt het mij zinnig om de groeiende afstand tot het vak als bepalend te beschouwen voor mijn aan de wal beoefende stuurmanskunsten. Ik zal het verzinnen van een onderwerp danig missen, want ook al was het maar vier keer per jaar, je bent er toch regelmatig mee bezig. Ik kan alleen maar hopen dat u er plezier aan heeft beleefd. U heeft per slot van rekening niet om mijn oprispingen gevraagd.

Bovendien heeft mijn gezondheid mij zo maar uit het niets dwars gezeten. Ik zal u niet lastig vallen met de details, maar de waterhuishouding had enige correctie nodig en tegelijkertijd bleken mijn kransslagaders dichtgeslibd. Ik rolde van het ene ziekenhuis in het andere en zag de ene na de andere specialist zich een oordeel vormen over wat er met mij moest gebeuren. De draaimolen waarin ik terecht ben gekomen, deed mij realiseren hoe uniek ons vak in de gezondheidszorg is. De reguliere bezoeken over heel lange periodes maken dat wij onze patiënten ècht kunnen leren kennen. Dit tot wederzijds voordeel. Mijn daadwerkelijke contacten met de dames en heren doctoren (steeds anderen die mij rapporteerden) waren weliswaar informatief, maar getuigden allemaal van meer belangstelling voor de ziekte dan de zieke. Laten wij als mondzorgers (wat een rot woord is dat toch!) ons goed realiseren dat goede zorg veel te maken heeft met persoonlijke aandacht. Bij het afscheid van mijn patiënten heb ik pas ervaren hoeveel mijn individuele aandacht heeft bijgedragen aan het vertrouwen in de geleverde prestaties. Ik zie dat veel collega’s werk maken van een prettige werkomgeving en zorgzaam personeel. Ik denk dat daar veel waarde aan gehecht moet worden.

Ik wens iedereen een prettige voortzetting van zijn loopbaan en zelf ga ik door onder het motto: ‘Je bent pas een vent met minstens één stent’.

   Adam Willaerts,  De overwinning op de Spanjaarden bij Gibraltar door een vloot onder bevel van admiraal Jacob van Heemskerck, 25 april 1607 (detail), Rijksmuseum Amsterdam

Otto Nelemans


Privacy Polis     Secretariaat: Postbus 34  1633 ZG Avenhorn  T 0229 540 148  E info@nvvp.org

Secretariaat: Postbus 34  1633 ZG Avenhorn 
T 0229 540 148  F 0229 543 467 
E info@nvvp.org

© NVvP | Realisatie: Makari.nl